Deel 2
Ze gingen niet meteen naar huis.
Saskia en Tom zaten bijna een uur in een stationscafé met de documenten tussen hen in. Hoe meer ze lazen, hoe duidelijker werd dat Johan geen geheime minnaar van een paar maanden was geweest.
Hun moeder had hem zeker twaalf jaar gekend.
Ze waren samen naar Frankrijk geweest, Duitsland, België en meerdere keren naar Zeeland. Er waren verjaardagskaarten, kerstkaarten en foto’s waarop Mieke er ontspannen uitzag op een manier die Saskia nauwelijks herkende.
“Waarom hield ze dit geheim?” vroeg Tom.
“Misschien omdat ze dacht dat wij het raar zouden vinden.”
“Dat mam na pap iemand ontmoette?”
“Ik niet.”
“Ik ook niet.”
Toch had hun moeder blijkbaar besloten dat haar kinderen niets hoefden te weten.
De financiële stukken waren interessanter. Johan had een kleine antiekzaak gehad. In meerdere brieven schreef hij over “de verzameling” en “de opbrengst”. Nergens stond exact waar het over ging.
Tot Tom een verzekeringsbewijs vond.
Collectie historische sieraden en horloges — verzekerde waarde €126.000.
“Antiek,” zei hij.
Saskia bladerde verder. “Misschien hebben ze iets verkocht.”
“En daarvan ligt 48.000 euro bij mam?”
“Waarom contant?”
Dat was de vraag.
Ze vonden Johan online.
73 jaar.
Voormalig eigenaar van een antiekzaak in Amersfoort.
Er stond een telefoonnummer.
“Ga jij bellen?” vroeg Tom.
“Waarom ik?”
“Jij bent beter met mensen.”
“Jij verkoopt verzekeringen.”
“Precies. Mensen vertrouwen me sowieso al niet.”
Saskia belde.
Een man nam na vier keer over.
“Met Meijer.”
“Goedemiddag. Spreek ik met Johan Meijer?”
“Ja.”
“Mijn naam is Saskia de Boer. Mijn moeder was Mieke de Boer.”
Stilte.
“Saskia?”
Hij kende haar naam.
“Ja.”
“Is er iets met Mieke?”
Saskia slikte. Blijkbaar wist hij het nog niet.
“Mijn moeder is drie weken geleden overleden.”
Heel lang zei Johan niets.
Toen klonk zacht:
“Nee.”
“Het spijt me.”
“Waarom heeft niemand…”
Hij stopte.
Saskia wist niet wat ze moest antwoorden.
Omdat niemand wist dat hij bestond.
Johan wilde hen zien.
Niet volgende week.
Diezelfde middag.
Ze spraken af in een café halverwege.
Toen hij binnenkwam, herkende Saskia hem onmiddellijk van de foto’s. Ouder, dunner, maar dezelfde opvallend blauwe ogen.
“Jullie lijken op haar,” waren zijn eerste woorden.
Daarna huilde hij.
Dat maakte het moeilijk hem onmiddellijk te ondervragen over €48.000.
Ze praatten eerst over Mieke.
Johan vertelde dat ze elkaar hadden ontmoet op een rommelmarkt. Mieke had een oude vaas gekocht en hem vervolgens een kwartier uitgelegd waarom hij te veel geld vroeg.
“Dat klinkt als mam,” zei Tom.
“Ik heb haar vijf euro korting gegeven. Daarna heeft ze me koffie laten betalen.”
Voor het eerst die dag moesten ze lachen.
Daarna vroeg Saskia waarom hun moeder haar kinderen nooit over hem verteld had.
Johan keek naar zijn handen.
“Dat was mijn schuld.”
“Waarom?”
“Omdat ik getrouwd was toen we elkaar leerden kennen.”
De sfeer veranderde onmiddellijk.
“Een affaire,” zei Tom.
“Ja.”
“Hoe lang?”
“Mijn huwelijk was toen eigenlijk al voorbij, maar officieel nog niet. Mieke wilde niet dat jullie dachten dat zij een gezin uit elkaar had gehaald.”
“Heeft ze dat gedaan?”
“Nee.”
Johan was later gescheiden. Toch bleef Mieke de relatie verborgen houden. Na een paar jaar raakten ze eraan gewend.
Niet verstandig.
Wel menselijk.
“En het geld?” vroeg Saskia uiteindelijk.
Johan keek op.
“Welk geld?”
Dat antwoord kwam te snel.
“Mijn moeder schreef dat u ernaar kon vragen.”
Zijn gezicht veranderde.
“Waar hebben jullie dat gevonden?”
“Dat zeggen we voorlopig niet.”
Tom keek even bewonderend naar zijn zus.
Johan zuchtte. “Hoeveel?”
“Dat is precies wat mam zei dat we niet moesten vertellen.”
Nu werd hij echt bleek.
“Dan heeft ze het dus gedaan.”
“Wat?”
“Het geld weggehaald.”
“Waarvandaan?”
Johan keek om zich heen voordat hij antwoordde.
“Van mijn broer.”
Johan had een oudere broer, Willem.
Willem was vijf jaar eerder overleden en liet geen kinderen na. Zijn vermogen ging grotendeels naar Johan.
Daaronder zat de antiekcollectie.
“En toen ontdekten we iets,” zei Johan.
Een deel van de collectie bleek helemaal niet van Willem te zijn geweest.
In de jaren negentig had Willem voor een oudere verzamelaar gewerkt. Toen die man overleed, verdwenen meerdere kostbare sieraden.
Nooit bewezen.
Nooit teruggevonden.
Maar tussen Willems spullen vonden Johan en Mieke foto’s, inventarislijsten en stukken waaruit bleek dat minstens een deel van zijn verzameling afkomstig was van die man.
“Uw broer had die gestolen?”
“Waarschijnlijk.”
“En jullie verkochten ze?”
Johan knikte beschaamd.
“Voordat we het wisten.”
“Voor hoeveel?”
“Ruim honderdduizend euro.”
“En die €48.000…”
“Is ongeveer wat na belasting en kosten van dat deel overbleef.”
Saskia voelde haar maag samentrekken.
Dus de tas bevatte mogelijk geld uit de verkoop van gestolen goederen.
“Waarom lag het bij mam?”
“Dat hoort het niet.”
Johan en Mieke hadden ruzie gekregen over wat ze moesten doen.
Mieke wilde achterhalen wie de rechtmatige erfgenamen waren van de oorspronkelijke verzamelaar.
Johan vond dat zinloos.
“De man was dood. Zijn vrouw ook. Hij had geen kinderen.”
“Dan zijn er misschien andere erfgenamen,” zei Tom.
“Precies wat Mieke zei.”
Johan had het geld voorlopig apart gezet, maar bleef uitstellen. Uiteindelijk ontdekte Mieke dat hij een deel ervan wilde gebruiken om zijn hypotheek af te lossen.
“Toen heeft ze het meegenomen?”
“Blijkbaar.”
“Zonder u iets te zeggen?”
“Ja.”
Saskia kon zich dat uitstekend voorstellen.
“Waar wilde ze het naartoe brengen?”
“Dat weet ik niet.”
“Maar ze had een plan.”
“Dat had Mieke altijd.”
Terug thuis vonden Saskia en Tom het plan uiteindelijk in de tas.
Niet in een envelop.
In de voering.
Saskia voelde iets hards toen ze de lege tas wilde opvouwen. Ze scheurde een los stiksel open en haalde er een USB-stick uit.
Daarop stond één bestand.
ALS IK HET NIET MEER KAN
Het was een document van hun moeder.
Ze had inderdaad onderzoek gedaan naar de oorspronkelijke eigenaar van de sieraden: Bernard Vos, overleden in 1997.
Geen kinderen.
Maar wel een zus.
Die zus was inmiddels eveneens overleden.
Zij had één dochter gekregen.
Anja Vos.
Er stond een adres bij.
En daaronder:
Dit geld behoort haar misschien juridisch niet volledig toe. Moreel gezien wel. Eerst alles laten controleren door een notaris. Niet zomaar geven. Johan zal proberen jullie tegen te houden. Luister naar hem, maar geloof hem niet automatisch.
Tom keek op.
“Typisch mam.”
Saskia knikte. “Zelfs vanuit het graf geeft ze instructies.”
Er stond nog iets.
En voordat jullie boos worden: nee, jullie erven dit geld niet. Het is nooit van mij geweest.
De volgende ochtend belde Johan.
“Saskia, we moeten praten.”
“Waarover?”
“Het geld.”
“Daar hebben we gisteren over gesproken.”
“Ik heb niet alles verteld.”
Natuurlijk niet.
“Wat nog?”
“Bernard Vos had wél een kind.”
Saskia verstijfde.
“U zei dat hij kinderloos was.”
“Officieel.”
“En onofficieel?”
“Een zoon.”
“Hoe weet u dat?”
Johan bleef stil.
“Johan?”
“Omdat die zoon mijn broer Willem was.”